"Slavin" is een beladen woord. Of misschien toch niet?
Een slavin is een vrouw die bij me is gekomen en iets meebracht, dat mijzelf completer maakte. Zonder een slavin besta ik immers niet volledig. Ik kan niet dominant zijn zonder een tegenpool. Zoals de nacht niet bestaat als er geen dag is, er geen land is als er geen water is en kou niet bestaat zonder warmte. Als ik Yang ben, is zij het bijbehorende Yin. Ik ben man dus moet zij een vrouw zijn. En ik ben dominant, dus ze moet bereid zijn tot mijn pefecte tegenpool gevormd te worden. Dit is wat ze meebracht: zichzelf en haar bereidheid gevormd te worden. Geen wensen, want wensen zouden gebaseerd zijn op haar oude zelf. Niet gereed, omdat ze niet wist waarvoor ze gereed zou moeten zijn.
Ik "jaag" niet. Een slavin komt op mijn pad als de tijd er rijp voor is. De kosmos heeft haar gezonden. Tegenstellingen trekken elkaar aan, dus er geen reden om te jagen of te zoeken. De tegenpolen vinden elkaar wel. Bovendien: een jager jaagt op prooi en een prooi is om welke reden dan ook te zwak om aan de jager te ontkomen. Nee, ze moet komen omdat het zo moet zijn. Een tegenpool, maar als tegenpool een gelijke.
Een slavin is als rauwe klei, geërodeerd van de bergen in een duizendjarig proces. Van rots tot stof geworden door de kracht van het water, totdat het klaar is om tot iets nieuws te worden gevormd. Nog steeds een berg, maar in een andere vorm.
Water laat vruchtbare klei achter waar de rivier de oceaan ontmoet. Daar waar het water zelf begint aan een nieuwe cyclus van omvorming - van water naar damp, van damp naar regen, van regen naar rivier, om zo het land te voeden en nieuwe klei te maken en te vervoeren, zodat niet alleen het water, maar ook de rots kan transformeren. Zoals de rots ooit ontstond uit magma. Niets verdwijnt, het verandert slechts van vorm en door te vervanderen van van vorm verandert de functie. Bomen worden koolstof, koolstof wordt diamant.
Noch het water, noch de berg zijn goden, maar slechts onderdeel van het eindeloze proces van verandering. Zo ben ik ook, alhoewel een "vormer", slechts een element in het eindeloze transformatieproces dat de mensheid evolutie noemt. Water overwint de rots niet, het doet de rots slechts van vorm veranderen, zoals het zelf van vorm verandert. In de gemeenschap van draken ben ik een blauwe draak, de waterdraak, de draak die omvormt.
Er is geen reden voor de slavin om dat veranderingsproces na te streven. In plaats daarvan moet ze, net als de rots, begrijpen dat het de reden van haar bestaan is: leren, ontwikkelen, verder gaan. En net zoals bij de rots zal dat proces niet gemakkelijk zijn, want ze is sterk en dat moet ze ook zijn. Zou ze niet sterk zijn, dan loopt de evolutie schade op. Nieuwe vormen onstaan slechts in een rauw en gewelddadig gevecht tussen elementen. En zoals het water zich rond de rots vormt, zo vormen slavin en eigenaar zich rond elkaar. Noch ikzelf, noch de slavin, zullen daarna dezelfde zijn, want zij wordt deel van mij, zoals ik deel van haar word.
Zal de slavin een kunstwerk worden? Een meesterwerk van dominantie? Nee, zij is zichzelf. Ze gaat terug naar de essentie van haar bestaan, van haar "zelf". Daarvoor zal ze conventies achterlaten en zich alleen concentreren op wat de essentie van haar bestaan is. Als eigenaar en "vormer" zal ik conventies wegnemen, zodat haar "zelf" kan ontwikkelen en bloeien - niet geleid door richtlijnen, maar geleid door zichzelf.
Ze zal begrijpen dat ze niet langer de rots is, maar wel, dat dat is waar ze vandaan is gekomen. En ze zal begrijpen dat de klei slechts een tussenstation is, op weg naareen nieuwe vorm. Dus moet ze de rots achter zich kunnen laten en vrij zijn om zich te kunnen omvormen tot iets nieuws. Nee, niet opnieuw geboren, slechts getransformeerd. De moleculen en elementen zijn nog steeds dezelfde. Het totaal verandert slechts van vorm en daarmee van functie.
Zoals de bouwmeester of de beeldhouwer, die hun hamers en beitels gebruiken om rots om te vormen tot architectuur of kunst, gebruikt het water zijn eigen kracht om de rots te transformeren. Op diezelfde manier zal ik haar, met gebruik van mijn eigen krachten, transformeren. Zoals de beeldhouwer zal ik weghalen wat niet langer noodzakelijk is en wat het onthullen van de ware schoonheid in de weg staat. Ze zal dit zware, moeilijke proces doorstaan.
We vechten deze veldslag zij aan zij wanneer dat mogelijk is, tegenover elkaar als het nodig is. Maar ongeacht de posities is het steeds dezelfde veldslag. Wij zijn de soldaten, de "battleships" die de strijd uitvechten. Uit die strijd komt iets nieuws. De soldaten zijn slechts een instrument in de strijd. Ze moeten van gelijke kracht en vaardigheid zijn. Waren zij dat niet, dan zou het eindresultaat slechts een oneervolle zege van de sterkere over de zwakkere zijn. Zulke zeges houden nooit stand - een goede balans tussen krachten wel. Krachten die elkaar kennen en respecteren. Ik kan geen soldaat zijn, als er niemand is om mee te vechten.

